bi_NoSuitablePlugin

laminaat en plinten leggen

Leggen van kliklaminaat

Welk gereedshap heb je nodig?
Hamer - Stanleymes - Zaagje - Smalbektang - Rolmaat - Waterpas - Potlood

Wat moet je aanschaffen?
Laminaat - Ondervloer - Vochtwerende folie - Aanslagijzer - Stootblokjes of wiggen - Aluminiumtape (voor ondervloer) - Plinten - Hout- of parketlijm - Metsellijn - (Huren van een) decoupeerzaag - Verstekbak - Eventueel een vormmal

Moeilijkheidsgraad:
Redelijk lastig. Het valt aan te raden de klus met z’n tweeën te doen.

Tijd:
Inclusief voorbereiding: zo’n drie dagen.

Denk van tevoren goed na over hoe je het laminaat wil leggen. Leg je het in de lengte, dan wordt je kamer langer. Het is over het algemeen ook mooier wanneer je de planken parallel aan de lichtinval laat lopen, dan zie je de eventuele oneffenheden minder. Door het diagonaal leggen van laminaat lijkt je kamer optisch ook groter, maar het laminaat is lastiger te leggen en je moet meer planken verzagen. Niet aan te raden dus.

Een laminaatvloer moet altijd wennen aan z’n omgeving. Door warmte of vocht kan het bijvoorbeeld uitzetten. Vaak duurt het acclimatiseren zo’n één a twee dagen. Het is handig om aan je leverancier te vragen hoe lang je het van te voren in de kamer moet lagen liggen.

Het leggen van laminaat lijkt een lastige klus, maar hoeft met de juiste instructies niet moeilijk te zijn. Het handigste laminaat om te leggen is kliklaminaat

1. Meet van te voren met je rolmaat goed de oppervlakte van je kamer op. Pakketten laminaat worden vaak verkocht in vierkante meters. Het is raadzaam om de oppervlakte ruim aan te houden, omdat je door lastige hoekjes en het verzagen van de planken meestal meer materiaal nodig hebt. Houd rekening met gemiddeld zo’n tien procent zaagverlies.

2. Voor het goed leggen van laminaat is het van belang dat de ondergrond egaal is. Zitten er oneffenheden in, haal die dan weg. Haal ook de plinten van de zijkant af. Voordat je start moet de vloer schoon, stof- en vetvrij zijn.

3. Laminaat kan op veel typen ondergrond gelegd worden. Het is van belang dat de laag onder het laminaat vochtwerend en geluidsisolerend is. Voor het vocht is het handig om een vochtwerend folie als basis te leggen. Plak de naden van de folie aan elkaar met tape. Nadat je de stroken hebt neergelegd snijd je het vlak bij de muren op maat met je stanleymes.

Tip: Pak telkens een nieuwe laminaatplank uit een ander pak, zodat je eventueel kleurverschil uit eenzelfde verpakking tegengaat.

Tip: Laat je adviseren welke ondervloer voor jouw vloer het meest geschikt is. Woon je in een appartement, dan zal geluidsisolatie bijvoorbeeld belangrijker zijn dan in een vrijstaande woning. Maar ook de ondergrond kan een verschil maken in materiaalkeuze.


4. Daarna is het gebruikelijk om een geluidsisolerende ondervloer te leggen. Het laminaat komt straks haaks op je ondervloer te liggen, dus let op de richting bij het leggen van je ondervloer. Wil je je planken bijvoorbeeld parallel aan de lichtinval hebben liggen, dan zal je je ondervloer in een hoek van negentig graden eronder moeten leggen. Snijd de lengte van je vloer op maat met je stanleymes en plak de stroken met tape aan elkaar.

5. Voor het leggen van het laminaat zelf, is het het handigst om te starten met een metsellijn. Deze span je ongeveer een centimeter vanuit de hoek van de kamer. Geen enkele kamer heeft exact rechte hoeken, dus probeer vanuit je gevoel de lijn zo recht mogelijk met de muur te leggen.

6. De eerste plank leg je met de groef (de inkeping) naar de kamer toe langs deze draad, waarbij je dus ongeveer een centimeter van de wand af zit. Binnen die centimeter plaats je stootblokjes (of spaanplaat), zo’n twee à drie per plank. Zorg telkens dat de plank goed tegen deze blokjes aan ligt, zodat het niet kan verschuiven.

7. De eerste rij van planken kun je het beste met parketlijm vastlijmen aan de kopse kant. Sla de rij met je hamer en een aanslagijzer goed tegen elkaar, zodat de eerste rij er strak in zit. Veeg de lijm die tussen de kieren uit komt, direct weg met een licht vochtig doekje.

8. Je kunt nu telkens een rij aan de eerste rij aanleggen, door de planken goed in elkaar te klikken en voorzichtig met je aanslagijzer vast te zetten. Lijmen is dan niet nodig. Je kunt de vervolgrijen op twee manieren leggen:
• halfsteensverband, waarbij je ervoor zorgt dat elke plankenrij steeds op de helft van de voorgaande plank begint. Dit ziet er mooi symetrisch uit, maar zorgt wel voor veel zaagwerk.
• wildverband leggen. Dit houdt in dat je het gedeelte dat je over hebt gehouden in een voorgaande rij, gebruikt voor de nieuwe.

Tip: Lees in de instructies hoe je klikvloer werkt. Soms moet je een nieuwe rij met je aanslagijzer en hamer erin slaan. Bij andere vloeren moet je een nieuwe plank eerst in een hoek van 45 graden erin klikken en naar beneden duwen. Pas daarna sla je de plank voorzichtig aan.

9. Los van de stijl van hoe je het legt, is het altijd het mooist als het gedeelte dat je zaagt aan de muurkant komt te liggen. Dit gedeelte komt toch vaak onder de plint te zitten. Je kunt dit bereiken door niet de allerlaatste plank te zagen, maar de één na laatste. Leg de laatste plank bijvoobeeld naast of op de een na laaste plank en teken op de een na laatste plank de zaagplek af.

10. Let bij het zagen op dat je weer één centimeter speling overhoudt bij de muur. De plank zaag je vanaf de achterzijde af, zodat je minder kartels krijgt. Gebruik hiervoor een decoupeerzaag. Met je schuurpapier kun je eventueel de kartelrand na het zagen wat bijschuren.

11. De één na laatste (verzaagde)plank leg je vervolgens wél als laatste neer.

12. Leg zo de hele vloer aan. Alleen voor de laatste rij geldt dat je hem goed moet opmeten en zagen voor je hem kunt plaatsen. Deze laatste plank kun je niet van de zijkant aanslaan. Haak daarom je aanslagijzer aan de plank en sla er dan tegenaan.

13. Voor de plekken met hoekjes of leidingen, maak je de plank gewoon op maat zoals die moet komen te liggen. Met potlood teken je het afgemeten deel op het hout. Houd er op deze plekken ook rekening mee dat je ongeveer een centimeter speling houdt, zodat de vloer zich kan ‘bewegen’. Je zal nu enigszins creatief met je decoupeerzaag de juiste afmetingen en figuren moeten uitzagen.


Aanleggen van plinten

Je vloer is niet af zonder het aanbrengen van de plinten. Deze kun je op verschillende manieren vastleggen. Sommige mensen kiezen ervoor om ze vast te lijmen op het laminaat of met een strip vast te plakken. Dit is een mogelijkheid, maar door de beweging die in het hout zit gaan plinten dan ook vaak verschuiven of los zitten. Bovendien zijn dit soort plakstrips erg gevoelig voor vocht en stof, waardoor ze ook eerder los gaan zitten.

1.Het mooiste is om de plinten vast te zetten aan de muur. Zorg er dan wel voor dat je iets ruimte laat tussen de plint en het laminaat (zo’n 1 à 2 millimeter) voor de werking van het laminaat.

2. De plinten zaag je op maat met je handzaagje. Voor de hoeken zaag je ze met een verstekbak in een hoek van 45 graden en schuur je ze netjes bij. Met de lijm van tegenwoordig zijn de plinten gemakkelijk vast te lijmen. Vast schroeven kan ook, maar dit is uiteraard bewerkelijker. Vraag je leverancier naar de opties voor jouw plinten.

Nu de plinten erin liggen is je vloer klaar. Met de snoeren achter de plinten en je meubels erop ziet de kamer er uit als nieuw!

U kunt hieronder op de link klikken, om de klustip in pdf formaat te downloaden voorzien van handige plaatjes.


laminaat en plinten leggen

mastercard visa ideal